Gezondheid versterken is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de hele samenleving
Interview met Lidy van der Goot-Wilms, Afdelingshoofd Kennis & Innovatie bij GGD Zuid-Limburg
Als Afdelingshoofd Kennis & Innovatie bij GGD Zuid-Limburg zet Lidy van der Goot-Wilms zich dagelijks in voor kansengelijkheid en gezondheid voor iedereen. Via haar betrokkenheid bij de Trendbreuk-aanpak, GALA en IZA werkt zij aan een brede en duurzame verbetering van gezondheid in de regio. Haar focus ligt op preventie en samenwerking over de grenzen van domeinen heen. “Health in and with all policies is voor mij het uitgangspunt,” vertelt ze. “Dat sluit naadloos aan bij het gedachtengoed van Positieve Gezondheid.”
Positieve Gezondheid als fundament voor samenwerking
“Voor de GGD is Positieve Gezondheid een belangrijk gezondheidsconcept binnen een integrale benadering van gezondheid,” legt Lidy uit. “In lijn met onze missie – het bevorderen van gezondheid en veiligheid in de regio en het verkleinen van gezondheidsverschillen – zoeken we nadrukkelijk de samenwerking met partners én inwoners om dit gezamenlijk te realiseren.”
Die samenwerking is essentieel, benadrukt ze. “Gezondheid wordt niet bepaald door één factor. Het gaat om het geheel van iemands leven: bestaanszekerheid, sociale netwerken, leefomstandigheden, werk en toegang tot goede, betaalbare en begrijpelijke zorg. Daarom kunnen we gezondheidsachterstanden niet oplossen binnen één sector. We moeten het echt samen doen.”
Waarom dit juist in Limburg zo belangrijk is
Dat Positieve Gezondheid juist in Limburg zo’n belangrijke rol speelt, vindt Lidy vanzelfsprekend. “De gezondheidsachterstanden in Zuid-Limburg zijn groot. De uitkomsten van de Gezondheidsmonitor laten zien wat we al langer weten: gezondheid wordt sterk beïnvloed door omstandigheden buiten de zorg. Denk aan armoede, schulden of een onveilige woonomgeving.”
Toch ziet ze ook beweging: “In het regioplan Zuid-Limburg hebben we uitgesproken dat we willen werken aan een omgeving waarin mensen gezond kunnen opgroeien, samenleven en oud worden. Denk aan buurten die uitnodigen tot ontmoeting en beweging, waar mensen naar elkaar omkijken en waar slimme, duurzame oplossingen bijdragen aan welzijn.”
Van visie naar praktijk: werken op twee niveaus
GGD Zuid-Limburg vertaalt het gedachtegoed van Positieve Gezondheid actief naar de praktijk. “De kern van dit gedachtegoed is het versterken van eigen regie en het leren omgaan met veranderende situaties in het leven,” legt Lidy uit. “Veel mensen komen, vaak buiten hun schuld, in een kwetsbare positie terecht. Daar spelen structurele factoren een grote rol: armoede, werkdruk, taalbarrières of een ongezonde leefomgeving.”
Daarom werkt de GGD op twee niveaus: “Enerzijds richten we ons op het individu, anderzijds op de leefomgeving waarin mensen wonen, werken en recreëren. Gezondheid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van iedereen die actief is in die leefomgeving. Door de eigen regie van het individu te versterken, ontstaat óók de mogelijkheid om de eigen regie van de wijk te versterken.”
Van individu naar wijk: samen bouwen aan gezonde gemeenschappen
“Bij GGD Zuid-Limburg maken we bewust de stap van Positieve Gezondheid voor het individu naar werken met Positieve Gezondheid in de wijk,” vertelt Lidy. “Dat biedt partners uit verschillende domeinen meer mogelijkheden om aan te sluiten, ieder vanuit hun eigen rol en expertise. Zo wordt het versterken van eigen regie geen individuele opdracht, maar een gedeeld streven.”
Het voeren van het goede gesprek met inwoners is daarbij essentieel. “De regie moet bij inwoners blijven liggen. Het model en de data zijn ondersteunend, niet leidend. Ze helpen om samen te bouwen aan een wijk waar gezonde keuzes makkelijker en vanzelfsprekender worden.”
Kennis delen om samen sterker te worden
Binnen de organisatie groeit de rol van kennisdeling snel. “We weten uit onderzoek welke gezondheidseffecten armoede heeft, hoe stress door schulden het welzijn aantast en wat een vochtige woning doet met de gezondheid van bewoners,” zegt Lidy. “Het wijkmodel Positieve Gezondheid biedt geen directe oplossing voor schuldenproblematiek, maar een sterk sociaal veld kan wel helpen om de negatieve gezondheidseffecten te beperken.”
Ook intern zet de GGD stappen. “We hebben expertisegroepen gevormd rondom thema’s uit het GALA-programma, zoals mentaal welbevinden en gezonde leefomgeving. Zo bundelen we kennis en versterken we onze integrale blik. En via onze betrokkenheid bij het Nationaal Programma Heerlen-Noord werken we aan een brede, gedeelde visie op gezondheid – domein overstijgend en wijkgericht.”
Gezondheid als maatschappelijke opgave
Lidy ziet grote kansen voor Limburg als gezondheid niet langer alleen als zorgvraagstuk wordt gezien. “Als we gezondheid benaderen als een maatschappelijke opgave, kunnen we fundamentele thema’s aanpakken: armoede, eenzaamheid, leefbaarheid, zelfs klimaateffecten. Gezondheid kan daarin de verbindende factor zijn.”
Het regioplan dat in het kader van de IZA- en GALA-akkoorden is opgesteld, biedt volgens haar een stevige basis. “Daarin staat het versterken van eigen regie centraal – zowel individueel als collectief. Dat is precies de richting waarin we moeten blijven bewegen.”
Een blik vooruit: gezondheid als vanzelfsprekend uitgangspunt
“Over vijf jaar hoop ik dat gezondheid geen aparte paragraaf meer is in beleidsplannen voor wonen, werk of onderwijs,” zegt Lidy. “Gezondheid zou een vanzelfsprekende afweging moeten zijn bij ieder plan of besluit. We moeten af van het idee dat gezondheid ‘er nog bij’ moet — het moet het vertrekpunt zijn.”
Tot slot: samen maken we het verschil
“Echte impact op gezondheid maak je alleen samen,” besluit Lidy. “Inwoners, vrijwilligers, professionals – formeel en informeel – iedereen speelt een rol. Investeer in structurele samenwerking, juist met partijen die op het eerste gezicht andere belangen hebben. Het begint met een gedeeld beeld van wat gezondheid is, en met ruimte voor ontmoetingen waarin dat beeld wordt versterkt.”
“Want gezondheid versterken,” zegt ze met nadruk, “is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de hele samenleving.”