Esther Stoffers:”Met één workshop verander je de wereld niet, maar je kunt wel iets zaaien dat later tot bloei komt.”


Esther Stoffers was erbij toen alles nog moest beginnen. Vanuit Huis voor de Zorg, de voorloper van Burgerkracht Limburg, maakte zij deel uit van de groep die samen met de provincie Limburg en andere partners werkte aan de opzet van het eerste actiecentrum. Het begon met een inspirerend verhaal dat via een directeur de organisatie binnenrolde, en dat uiteindelijk heel Limburg in beweging zou zetten.

Hoe ben je bij Positieve Gezondheid terechtgekomen?

“Dat was echt aan het begin. Onze toenmalige directeur, Jo Maes, had het mooie verhaal van Machteld Huber gehoord en was er volledig door geïnspireerd. Hij zei: dit past heel erg goed bij Huis voor de Zorg, hier moeten we mee aan de slag.

Vanuit daar zijn we naar inspiratiebijeenkomsten gegaan, en via Huis voor de Zorg is het ook doorgespeeld naar de provincie. En die waren ook al meteen enthousiast. Zo zijn we eigenlijk begonnen: samen met de provincie, samen met Machteld en Mieke, kijkend van hoe we dit in Limburg van de grond konden krijgen. Het heette in het begin nog geen beweging, maar een platform, of eigenlijk een werkgroep. Dat werd later het actiecentrum.”

Wat was jouw rol daarin?

“Aanvankelijk was Huis voor de Zorg gewoon deelnemer, vanuit het burger en cliëntenperspectief. Dat moesten we vooral naar voren brengen.

Maar algauw zijn we ook zelf dingen gaan ontwikkelen. We hebben binnen het Huis voor de Zorg de workshop “Positieve Gezondheid en IK Positief Gezond” opgezet. Die hebben we zelfs even laten checken bij Machteld, van: is dit wel in de lijn? En we organiseerden inspiratiesessies, faciliteerden bijeenkomsten, zorgden voor de verbinding met burgers, verenigingen en cliëntenraden. Op een gegeven moment hebben we de beweging Limburg Positief Gezond gehuisvest en heb ik ook een tijdlang de rol van waarnemend coördinator van de beweging vervuld.”

Wie waren de belangrijkste samenwerkingspartners?

“Machteld Huber en Mieke Reynen waren van het begin af aan essentieel. Daarna sloten al snel de GGD Zuid Limburg, Universiteit Maastricht, Netwerk Noordelijke Maasvallei en allerlei andere organisaties aan. Je had kernpartners die echt in het kernteam zaten, en een brede ring van partners daaromheen die steeds groter werd.

En dan was er Peter Boonen, vanuit de provincie. Hij was degene die het actiecentrum bestuurlijk mogelijk maakte, die de opdracht gaf, die contact onderhield en die ook de vertaling maakte van het politieke niveau naar de daadwerkelijke uitvoering. Een sterke aanhanger, en ook een sturende kracht.”

Waar ben je het meest trots op?

“Op het feit dat het niet bij plannen en ambities is gebleven. We hebben echt concrete dingen gedaan, ook al was het soms zoeken wat het resultaat precies was. Met die inspiratiesessies bereikten we heel veel mensen, bij organisaties groot en klein, bij scholen, verenigingen. En de workshop “Positieve Gezondheid en IK Positief Gezond” sloeg aan. Je kreeg altijd hele positieve reacties terug.

Ik ben ook trots op de rol die het Huis voor de Zorg en later Burgerkracht Limburg hebben gespeeld als kartrekker van het burgerperspectief. Dat paste gewoon bij onze core business. En ik denk dat dat precies de reden was waarom het zo goed werkte: het sloot aan bij wie je bent.

En dan is er nog iets wat ik achteraf misschien te weinig heb gewaardeerd: de corona-challenges. Tijdens de coronaperiode hebben we intern elke week een dimensie van Positieve Gezondheid centraal gesteld, met een vraagje, een quizje, of een opdracht: hoe geef jij zin aan je leven in deze tijd? We waren soms een beetje teleurgesteld dat niet iedereen massaal reageerde. Maar later hoorden we dat mensen het heel prettig hadden gevonden, dat ze in stilte ermee aan de slag waren gegaan en dat het iets had gezaaid. Dat is precies het punt: impact is niet altijd zichtbaar in directe resultaten. Impact heeft tijd nodig”

Wat zou je je jongere zelf adviseren?

“Meebewegen met de flow, laat ik het zo zeggen. Niet te hoge verwachtingen hebben van de snelheid. Ik zag soms dat bedrijven of gemeenten wel zeiden dat ze ermee bezig waren, maar dat er in de praktijk weinig veranderde. Dan denk je: waarom gaan mensen nou niet mee? Maar dat heeft gewoon tijd nodig.

En de andere kant: ik zou bepaalde dingen beter hebben vastgelegd. We hadden bijvoorbeeld prachtige filmpjes gemaakt. Die lagen er gewoon, maar we hebben er uiteindelijk te weinig mee gedaan. Op een gegeven moment was het enthousiasme bij de directeur groot en kon je er overal mee aankomen, maar daarna raakte het beperkt tot een klein groepje. Als we dat aan het begin beter hadden verankerd in de organisatie, hadden die initiatieven langer geleefd.”

Welk advies heb je voor de toekomst van Positieve Gezondheid?

“Houd het zuiver. Ik zie dat het inmiddels overal terugkomt: in HR-beleid, in vitaliteitsplatformen, in behandeling en begeleiding. Prachtig. Maar ik zie ook dat er varianten zijn ontstaan: de één werkt met zeven dimensies, de ander met vijf. En dan vraag ik me af: waar heb je het dan over? Positieve Gezondheid zijn die zes dimensies.

En verder kijken dan klachten en diagnoses. Dat blijft de kern. In de GGZ zie je die beweging gelukkig ook, transdiagnostisch werken: niet vanuit de klacht, maar veel breder kijken naar wat iemand nog wél kan. Dat sluit heel goed aan. Maar het vraagt blijvende aandacht, want de neiging om toch weer terug te vallen op diagnoses en hokjes is groot.

Positieve Gezondheid moet geen modewoord worden. Het moet een blijvende manier van denken en handelen zijn. En als de gedachte erachter beklijft, ook al weet niet iedereen meer precies hoe het spinnenweb werkt, dan is er al een gigantische stap gezet.”

Over Esther Stoffers

Esther Stoffers was vanaf de oprichting betrokken bij Positieve Gezondheid in Limburg, vanuit Huis voor de Zorg en later Burgerkracht Limburg. Ze organiseerde inspiratiesessies en workshops, bracht het burgerperspectief in binnen het actiecentrum en vervulde tijdelijk de rol van waarnemend coördinator van de beweging. Inmiddels werkt ze als programmaleider Innovatie & Ontwikkeling bij MET ggz, waar ze de principes van eigen regie en veerkracht op haar eigen manier blijft toepassen.