Een kwart minder verwijzingen naar het ziekenhuis. Dat is het spectaculaire resultaat van de nieuwe manier van werken van de huisartsenpost in Afferden. De huisartsen nemen meer tijd voor een consult, en vragen nadrukkelijk naar het sociale leven van de patiënt. Daardoor werden 25 procent minder patiënten doorgestuurd naar het ziekenhuis. Het succes in Afferden heeft ondertussen ook de aandacht getrokken van minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het project in Afferden krijgt het komende jaar een vervolg in een aantal omliggende gemeenten.

“Ik werk nu 25 jaar als huisarts en ik merkte dat het te druk werd in mijn praktijk”, aldus Hans Peter Jung. “En dat ik te weinig tijd had voor goed contact met mijn patiënten. De vraag “Hoe gaat het met je” was een vraag die ik een aantal jaren geleden haast niet meer durfde te stellen aan mijn patiënten. Zo bang als ik was dat ze misschien wel antwoord zouden geven. Want daar had ik helemaal geen tijd meer voor. En dat leidde er toe dat ik dingen ging afraffelen. Dat ik snel mensen ging doorverwijzen naar het ziekenhuis, terwijl ik het gevoel had dat ik het ook wel zelf had gekund. En dat ik daardoor ook minder plezier in mijn vak kreeg. Dat was voor mij het startpunt om te kijken of het ook anders zou kunnen.”

Jung maakte de afspraak met de verzekeringsmaatschappijen om niet langer per consult, maar per patiënt betaald te worden. De maatschappijen waren ook benieuwd hoe dat zou uitpakken. De eerste resultaten zijn positief. Naast de scherpe daling in het aantal verwijzingen, zijn zowel de patiënten als de doktoren heel tevreden over de nieuwe manier van werken.

De huisartsenpost werkt samen met een huiskamerproject in Afferden, Béjèn. Daar komen veel ouderen samen. “Soms wordt duidelijk dat eenzaamheid gewoon een heel belangrijke rol speelt waarom mensen veel klagen en veel bij de dokter komen”, aldus Jung. “We hebben zo’n persoon geïntroduceerd bij het huiskamerproject, en vanaf dat moment zien wij hem hier niet meer terug op spreekuur. Het is fantastisch om te zien dat je met een ingreep, een goed gesprek, iemand weer in zijn kracht kan zetten.”

De manier van werken past in de filosofie van “positieve gezondheid”, die momenteel veel aandacht krijgt in Limburg. “Positieve gezondheid wil eigenlijk zeggen dat jij je -als het kan- moet richten op datgene wat de mens nog wel kan. In plaats van heel erg te focussen op wat niet gaat”, zo verklaart Jung. “Mensen komen natuurlijk altijd met een vraag bij de dokter die te maken heeft met iets dat niet goed loopt. En daar kun je met z’n allen heel veel aandacht aan geven. Maar alles wat je aandacht geeft groeit, zeggen we wel eens. En dan wordt het probleem alleen maar groter. Positieve gezondheid gaat ervan uit, dat je zelf de regie mag voeren. En dat je zelf heel veel kracht hebt om problemen ook op te kunnen lossen.En het interessante is vaak dat je je kunt focussen op datgene waar ze het beste in scoren. Want daar zit vaak de drijfveer achter om het vol te kunnen houden op terreinen waar de mensen niet goed scoren. En die onderwerpen die kwamen voorheen onvoldoende aan bod in ons spreekuur. En daar maken we bewust wat meer tijd voor. En dat geeft ook kansen om op een andere manier te kijken naar ziekte en gezondheid.”

Het succes in Afferden heeft ondertussen ook de aandacht getrokken van minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het project in Afferden krijgt het komende jaar een vervolg in een aantal omliggende gemeenten.

(eerder gepubliceerd via: https://www.devereniginglimburg.nl/thema-s/gezondheid/een-kwart-minder-verwijzingen-naar-het-ziekenhuis)